home faq

Kopij inzenden

Richtlijnen voor auteurs Tijdschrift voor praktijkondersteuning

Hieronder kunnen potentiële auteurs een samenvatting van onze herziene richtlijnen vinden.
U kunt desgewenst ook de volledig tekst downloaden:

 TPO Richtlijnen voor auteurs.

Het Tijdschrift voor praktijkondersteuning (TPO) onderscheidt verschillende soorten artikelen, zoals onderzoeksverslagen, beschouwingen praktische artikelen, commentaren en casussen. Elk artikel heeft zijn eigen specifieke eisen. Een algemene eis is echter dat alle artikelen een goede (lees: wetenschappelijke) onderbouwing kennen.
Tegelijkertijd hechten we er veel waarde aan om een boeiend en leesbaar tijdschrift te bieden. Dat doen we bijvoorbeeld door alle artikelen in de eindfase te redigeren. Uiteraard vragen we de auteurs hieraan mee te werken door gebruik van passieve vormen, personificaties en ander afstandelijk taalgebruik te vermijden. Er is vaak niets tegen het schrijven in de ik- of wij-vorm. Daarnaast hebben we nog een aantal formele wensen over tabellen, figuren, en literatuurverwijzingen. Deze vindt u verderop in deze richtlijnen.

We ontvangen uw (digitale) bijdrage bij voorkeur per e-mail, het adres is tpo@nhg.org. Stuurt u dan ook een brief mee waarin u uitlegt dat alle auteurs de versie hebben bekeken en dat uw bijdrage nog niet elders is gepubliceerd.

De redactiecommissie en externe adviseurs beoordelen de artikelen. De redactiecommissie van TPO is onafhankelijk van het NHG en beoordeelt artikelen uitsluitend op nieuwswaarde, wetenschappelijke houdbaarheid en relevantie voor de beroepsgroep praktijkondersteuners.

In deze richtlijnen voor auteurs beschrijven we waar een artikel aan dient te voldoen en geven we de richtlijnen per onderdeel van een manuscript aan.

Tijdschrift voor praktijkondersteuning onderscheidt de volgende categorieën artikelen:

  • - onderzoeksverslag;
  • - beschouwing;
  • - commentaar;
  • - nascholingsartikel;
  • - implementatieartikel;
  • - discussie;
  • - column;
  • - euvel;
  • - buitenlands nieuws;
  • - ingezonden brief
  • - dubbelpublicatie

 

Algemeen

Neem de volgende richtlijnen in acht:

  • Gebruik regelafstand 1,5, marges links en rechts 4 cm, marges boven en onder 2,5 cm.
  • Nummer de bladzijden rechtsboven, doorlopend.
  • Gebruik één lettertype, bij voorkeur de Times New Roman 12 punt; vul de tekst niet uit.
  • Lever het artikel als platte tekst aan. Uitzonderingen hierop zijn opsommingen, lijsten en tabellen, waarbij u het betreffende opmaakprofiel van Word dient te gebruiken. Gebruik geen automatische (eind)nootnummering en geen voetnoten (behalve bij tabellen).
  • Gebruik in de tekst geen onderstrepingen, en vet alleen bij koppen; maak spaarzaam gebruik van cursief.
  • Plaats tabellen, figuren en afbeeldingen aan het eind van het artikel, maar geef in de tekst ongeveer de plaats aan.
  • Houd als volgorde aan: titel (+ ondertitel), auteurs (zonder titulatuur e.d.), gegevens over auteurs: titulatuur, functie, adres, telefoon, fax, e?mail;, samenvatting (Nederlands), tekst van het manuscript, een eventuele dankbetuiging, financiering, literatuurlijst, abstract (Engels) en ten slotte de tabellen, figuren en afbeeldingen.
  • Maak een inhoudelijke samenvatting van niet meer dan 200 woorden. Bij onderzoeksverslagen en literatuuroverzichten dient dit een gestructureerde samenvatting te zijn; daarbij wordt de structuur van het artikel gevolgd door middel van tussenkopjes. Zorg voor zoveel mogelijk feitelijke informatie in de samenvatting: veel lezers komen niet verder! Voor artikelen over ‘verbeterprojecten' is er een apart stramien, dat ook in de samenvatting gevolgd moet worden. Alleen commentaren, klinische lessen en discussiebijdragen kunnen het zonder samenvatting stellen.
  • Een dankbetuiging kan zinvol zijn voor een bijdrage waarvoor wel dank verschuldigd is, maar die geen vermelding als auteur rechtvaardigt of bij technische hulp. Zorg voor schriftelijke toestemming van iedereen die met name wordt bedankt.
  • Vermeld bij onderzoeksverslagen kort de financierende instantie.
  • Nummer de literatuurverwijzingen in de volgorde waarin zij voor het eerst worden genoemd. Geef de verwijzingen aan met cijfers in superscript. Gebruik geen automatische nootnummering. Plaats de verwijzingen aan het eind van de passage waarop zij betrekking hebben, ná het afsluitende leesteken (punt, komma, etc.). Verwijs niet naar samenvattingen in congresbundels, ongepubliceerde waarnemingen, persoonlijke mededelingen, niet?openbare rapporten en manuscripten die nog niet zijn aanvaard voor publicatie. Naar artikelen die wel zijn aanvaard maar nog niet zijn gepubliceerd, kan wél worden verwezen.
  • Gebruik voor de nummering van de literatuurlijst een opmaakprofiel voor lijstnummering. Voor de titelbeschrijving dient men zich in ieder geval te houden aan de volgende richtlijnen.
  • - Auteurs Vermeld de auteurs tot een maximum van zes; bij zeven of meer auteurs worden alleen de eerste zes vermeld, met de toevoeging ‘, et al.' (afkorting van et alii = en anderen). Elke auteursnaam bestaat uit de achternaam, eerst gevolgd door een spatie en dan door de voorletter(s); deze voorletters worden aaneengeschreven en dus niet gescheiden door een spatie of punt. Tussen de auteursnamen komt steeds een komma, gevolgd door een spatie; de laatste auteursnaam wordt afgesloten met een punt.
  • - Bij een publicatie door een redactie wordt aan de namen van de redacteuren ‘editor(s)' of ‘redactie' toegevoegd (na een komma).
  • - Bij een publicatie onder verantwoordelijkheid van een organisatie wordt die organisatie als auteur vermeld.
  • - Bij een anonieme publicatie wordt geen auteur vermeld (ook niet ‘Anoniem' of ‘Anonymous').
  • - Titels Gebruik voor de titel van een artikel of boek alleen hoofdletters op die plaatsen waar dat in het Nederlands gebruikelijk is; gebruik verder alleen kleine letters. Titel en ondertitel worden gescheiden door een punt. De volledige titel wordt afgesloten met een punt.
  • - Tijdschriften Voor de meeste Engelstalige tijdschriften zijn de gebruikelijke afkortingen te vinden via PubMed (ga naar Journals database). Vermeld in geval van twijfel altijd de volledige naam van het tijdschrift.
  • - Vermeld na de naam van het tijdschrift het jaar van publicatie, gevolgd door een puntkomma; daarna komt het volume? of jaargangnummer, gevolgd door een dubbele punt; daarna komen de eerste en de laatste pagina, gescheiden door een divisie (?) en gevolgd door een punt. Er komen hierbij geen spaties na de leestekens.
  • - Vermeld bij supplementen en andere bijzondere uitgaven de titelbeschrijving zoals die in het tijdschrift zelf wordt toegepast.
  • - Boeken Vermeld na de titel:
  • * de druk (indien van belang), gevolgd door een punt;
  • * de plaats van uitgave, gevolgd door een dubbele punt;
  • * de uitgever, gevolgd door een komma;
  • * het jaar van uitgave, gevolgd door een punt (of een dubbele punt, wanneer ook de pagina's worden vermeld; in dat geval volgt daarna een punt).
  • - Voorbeelden van correcte titelbeschrijvingen zijn te vinden in recente afleveringen van het Tijdschrift voor praktijkondersteuning. Vermeld in gevallen waarin deze richtlijnen niet voorzien liever te veel dan te weinig gegevens.

 

Tabellen, figuren en illustraties

  • Nummer tabellen in dezelfde volgorde als waarin zij in de tekst worden genoemd, en controleer dat elke tabel ook in de tekst wordt genoemd.
  • Voorzie elke tabel van een korte titel.
  • Maak een tabel niet op met tabs en spaties, maar gebruik de tabelfunctie van Word.
  • Zet een nadere uitleg niet in de kop, maar in voetnoten.
  • Een tabel moet onafhankelijk van de tekst te begrijpen zijn. Verklaar afkortingen en termen dan ook in voetnoten.
  • Gebruik binnen de tabel geen onnodige horizontale en verticale lijnen.
  • Vermeld niet zowel absolute cijfers als percentages.
  • Gebruik geen percentages bij een n<100.
  • Maak niet een kolom met p-waarden én een kolom met 95%-BI; die geven immers dezelfde informatie. Indien mogelijk heeft TPO een sterke voorkeur voor 95%-BI.
  • Zorg voor schriftelijke toestemming bij gebruik van gegevens van anderen, en vermeld de bron.
  • Voor figuren en illustraties gelden vergelijkbare richtlijnen. Zorg er tevens voor dat afbeeldingen goed reproduceerbaar zijn. Elektronisch aangeleverde figuren moeten op 300 dpi gescand zijn.

 

Afkortingen en symbolen

Gebruik geen afkortingen als o.a. en DM II, maar schrijf voluit onder andere en diabetes mellitus type 2. Vermeld bij niet algemeen bekende en ingeburgerde afkortingen als SIP en 4DKL eenmaal de volledige term met tussen haakjes de afkorting, en gebruik de afkorting pas daarna. Bij algemeen bekende en ingeburgerde afkortingen als NHG en GGD is een nadere toelichting onnodig.

 

Hoe stuurt u een manuscript in?

Zend uw elektronische versie naar het redactiesecretariaat: tpo@nhg.org. Stuur met het manuscript een elektronische aanbiedingsbrief mee en vermeld hierin:

  • informatie over eerdere of herhaalde publicatie, of aanbieding aan een ander medium van hetzelfde manuscript;
  • een verklaring over financiële of andersoortige betrekkingen van alle auteurs, die tot tegengestelde belangen zouden kunnen leiden; u krijgt overigens bij acceptatie van ons nog een uitgebreidere checklist over eventuele belangenverstrengeling;
  • een verklaring dat het manuscript is gelezen en goedgekeurd door alle auteurs;
  • naam, adres, telefoon? en faxnummer en e?mailadres van de auteur die verantwoordelijk is voor correspondentie en overleg. Vermeld ook het e-mailadres waar de digitale drukproef naar toegestuurd moet worden.
  • Zorg voor kopieën van verklaringen waarin toestemming wordt gegeven om eerder gepubliceerd materiaal te reproduceren, om illustraties te gebruiken of om vertrouwelijke persoonlijke informatie van herkenbare personen te vermelden, of om personen te noemen wegens hun bijdragen.
  • Voor de aanlevering van tekst kan gebruik worden gemaakt van alle versies van Word (onder Windows). Gebruik voor figuren bij voorkeur het programma Excel. Lever digitale foto's aan in JPEG- of TIF-formaat in een zo hoog mogelijke resolutie (minimaal 300 dpi). Wend u bij twijfel of vragen tot de bureauredactie.